Naar de inhoud
Spelregelwijzer Zoek een spel

Spelregels Sjoelen

30 schijven, 3 keer schuiven en de telling met setjes van 20

Door Redactie Spelregelwijzer · gecontroleerd op 13 oktober 2026
Bron: officieel reglement (Spelreglement Algemene Nederlandse Sjoelbond, versie 2026.09)

Spelers: 1-8 spelers Speelduur: 15-45 min

Dit heb je nodig

  • een sjoelbak van 2 meter lang
  • 30 houten sjoelschijven
  • een stevige tafel waarop de bak vlak ligt
  • pen en papier of een scoreformulier

Bij sjoelen schuif je 30 houten schijven over een lange bak naar vier poortjes. De regels geven je drie pogingen: de schijven die niet in een vak belanden, mag je nog twee keer opnieuw schuiven. Daarna tel je. Een schijf in elk van de vier vakken levert samen 20 punten op, losse schijven tellen voor de waarde van hun vak. De hoogste score wint.

Sjoelen regels in het kort

  • Elke beurt begin je met 30 schijven.
  • Een beurt bestaat uit 3 onderbeurten: schuiven, terugpakken wat niet in een vak ligt, opnieuw schuiven.
  • De vakken zijn van links naar rechts 2, 3, 4 en 1 punt waard.
  • Eén schijf in elk vak is samen 20 punten in plaats van 10.
  • Schijven die buiten zo'n setje vallen, tellen voor de waarde van hun vak.
  • Het maximum is 148 punten, met bonusschijven 156.

Print het spiekbriefje (1 A4)

Doel van het spel

Haal in één beurt met 30 schijven zo veel mogelijk punten. Dat lukt het best door de schijven gelijk over de vier vakken te verdelen, want alleen complete setjes van vier vakken leveren de dubbele waarde op.

Baan en materiaal

  1. Leg de sjoelbak op een stevige tafel. De bak moet in de lengte en de breedte waterpas liggen en niet kunnen schuiven. Bij wedstrijden ligt de afzetbalk gelijk met de rand van de tafel.
  2. Tel de schijven: het moeten er precies 30 zijn. De speler telt ze zelf voor het begin.
  3. Ga achter de bak zitten of staan, bij de open kant. Dat mag je zelf kiezen, maar je blijft achter de bak.
  4. Leg de schijven naast de bak klaar. Op de afzetbalk, de dwarslat waar je onderdoor schuift, mogen volgens het reglement geen schijven liggen.
  5. Wil je inspelen, dan mag je vooraf 5 schijven op proef schuiven. Daarna verschuif je de bak niet meer.
  6. Spreek af hoeveel beurten ieder speelt. Op een wedstrijdkaart van de sjoelbond staan 10 beurten.
2341hiervandaan schuif je de schijvenvakken: 2, 3, 4 en 1 punt
De vier vakken zijn van links naar rechts 2, 3, 4 en 1 punt waard. Een complete set (in elk vak één schijf) telt dubbel: 20 punten.

Zo verloopt het spel

Je speelt je hele beurt achter elkaar af. Daarna is de volgende speler aan de beurt met dezelfde 30 schijven.

  1. Eerste onderbeurt: alle 30Schuif de 30 schijven één voor één onder de afzetbalk door richting de poortjes. Een schijf is in het spel zodra hij de streep onder de afzetbalk helemaal voorbij is. Vanaf dat moment mag niemand hem meer aanraken.
  2. Kijk welke schijven binnen zijnEen schijf ligt in een vak als hij de voorkant van de poortenbalk helemaal voorbij is. Twijfel je, schuif dan een recht latje tegen de voorkant van de poortenbalk. Beweegt de schijf mee, dan ligt hij er niet in.
  3. Stapel en pak terugDe schijven in de vakken worden opgestapeld, zodat er ruimte komt voor nieuwe. Volgens het reglement gaat de eerste stapel in een vak tot 4 schijven hoog en volgende stapels tot 3. Alle schijven die niet in een vak liggen, krijg je terug.
  4. Tweede onderbeurtSchuif de teruggekregen schijven opnieuw. Schijven die al in een vak liggen, blijven daar. Daarna wordt weer gestapeld en krijg je de rest terug.
  5. Derde onderbeurtSchuif voor de laatste keer de overgebleven schijven. Wat nu niet in een vak ligt, telt niet mee.
  6. Tel de puntenTel de schijven per vak en reken de score uit. Liggen alle 30 schijven al na de eerste of tweede onderbeurt in de vakken, dan wordt er meteen geteld.

Bijzondere situaties in de bak

Zo regelt het spelreglement van de Algemene Nederlandse Sjoelbond (ANS) het.

SituatieWat gebeurt er
Schijf springt over de poortenbalk in een vakTelt niet. De schijf gaat meteen uit het spel.
Schijf stuitert terug tot voorbij de streep achter de afzetbalkJe haalt hem uit de bak en legt hem apart. Je krijgt hem pas bij de volgende onderbeurt terug.
Schijf vliegt uit de bak voordat hij bij de poortjes isHij wordt apart gelegd en komt bij een volgende onderbeurt weer beschikbaar.
Schijf in een vak schiet door naar een ander vak of blijft op een tussenschot liggenHij wordt teruggelegd in het vak waar hij zat. Hij blijft tellen.
Schijf in een vak valt uit de bakHij gaat terug in het vak waar hij uit kwam.
Er breekt een schijfDe hele beurt wordt opnieuw gespeeld.
Er blijken meer dan 30 schijven te zijnDe beurt vervalt en wordt opnieuw gespeeld.
Er blijken minder dan 30 schijven te zijnPech: er wordt niets gecorrigeerd. Daarom tel je vooraf.

Puntentelling bij Sjoelen

Een beurt is voorbij na de derde onderbeurt, of eerder als alle schijven in de vakken liggen. Het spel is afgelopen als iedereen het afgesproken aantal beurten heeft gespeeld. Wie opgeteld de meeste punten heeft, wint. In wedstrijden van de sjoelbond speelt iedere speler 10 beurten.

Tel eerst hoeveel schijven er in elk vak liggen. Het vak met de minste schijven bepaalt hoeveel complete setjes je hebt: een setje is één schijf in elk van de vier vakken en is 20 punten waard. Twee schijven in elk vak is dus 40 punten, drie in elk vak 60, enzovoort. Alle schijven die daarna nog over zijn in een vak, tellen voor de waarde van dat vak: 2, 3, 4 of 1 punt per schijf. Schijven die na de derde onderbeurt niet in een vak liggen, zijn niets waard. Als formule: score = 20 x het kleinste aantal schijven in een vak, plus voor elk vak het aantal extra schijven keer de vakwaarde.

Vak (van links naar rechts)Waarde losse schijfOnderdeel van een setje
Eerste vak: 2 stippen2 puntenEén schijf in elk vak = 20 punten
Tweede vak: 3 stippen3 puntenEén schijf in elk vak = 20 punten
Derde vak: 4 stippen4 puntenEén schijf in elk vak = 20 punten
Vierde vak: 1 stip1 puntEén schijf in elk vak = 20 punten
RekenvoorbeeldNa drie onderbeurten liggen er 6 schijven in het vak van 2, 8 in het vak van 3, 9 in het vak van 4 en 5 in het vak van 1. Dat zijn 28 schijven, 2 liggen er nog in de bak en tellen niet. Het kleinste aantal is 5, dus je hebt 5 setjes: 5 x 20 = 100 punten. Over blijven 1 schijf in het vak van 2 (1 x 2 = 2), 3 schijven in het vak van 3 (3 x 3 = 9), 4 schijven in het vak van 4 (4 x 4 = 16) en 0 in het vak van 1. Samen 100 + 2 + 9 + 16 = 127 punten. Het voorbeeld uit het reglement zelf: 5 schijven in elk vak en 1 extra in het vak van 4 is 100 + 4 = 104 punten.

Sjoelen puntentelling: gratis printen of online invullen

De maximale score: 148, en met bonus 156

Met 30 schijven kun je 7 setjes maken (28 schijven, 140 punten). De 2 schijven die overblijven leg je het liefst in het vak van 4: 2 x 4 = 8. Samen 148 punten, de hoogste score zonder bonus.

Haal je 148 in maximaal twee onderbeurten, dan verdien je een bonusschijf. Is het in twee onderbeurten gelukt, dan krijg je één schijf terug om nog een keer te schuiven. Lukte het in één onderbeurt, dan krijg je twee keer een schijf terug. De bonusschijf telt voor de waarde van het vak waar hij in komt, dus hooguit 4 punten per schijf.

Voorbeelden uit het reglement: 148 in twee onderbeurten en de bonusschijf in het vak van 2 geeft 148 + 2 = 150. 148 in één onderbeurt, de eerste bonusschijf in het vak van 4 en de tweede in het vak van 1 geeft 148 + 4 + 1 = 153. Het absolute maximum is 148 + 4 + 4 = 156.

De sjoelbak in maten

Dit zijn de maten van de wedstrijdbak uit het spelreglement van de ANS, in millimeters. Een bak voor thuis kan iets afwijken.

OnderdeelMaat
Lengte van de bak2000 mm
Van de achterkant van de afzetbalk tot het einde van de bak1570 mm
Van de voorkant van de poortenbalk tot het einde van de bak390 mm
Breedte van de bak, binnenmaat en buitenmaat386 mm en 410 mm
Breedte van elk poortje60 mm
Tussen twee poortjes34 mm
Tussen de buitenste poortjes en de zijwand22 mm
Volgorde van de vakken, van links naar rechts2, 3, 4, 1
SjoelschijfBeukenhout, 52 mm doorsnee, 13 mm dik, 20 gram (3 gram meer of minder mag)

Scoreformulier sjoelen bijhouden

Noteer per speler per beurt alleen de eindscore van die beurt en tel onderaan op. Wil je kunnen narekenen, schrijf dan ook de vier aantallen op, in de volgorde van de bak: aantal in 2, in 3, in 4 en in 1. Uit die vier getallen volgt de score met de formule hierboven.

Bij wedstrijden zegt de jury de score hardop en wordt hij pas genoteerd als de speler ermee instemt.

Discussie tijdens het spel: wat mag wel en wat niet?

De vragen waar het bij Sjoelen het vaakst over gaat. Bij elk antwoord staat of het zo in de regels staat of dat het een huisregel is.

Officiële regel

Telt een schijf die half in het poortje ligt?

Nee. De schijf moet de voorkant van de poortenbalk helemaal voorbij zijn. De officiële test: schuif een recht latje tegen de voorkant van de poortenbalk. Beweegt de schijf, dan ligt hij er niet in.

Huisregel

Mag je met je vinger langs de poortjes strijken om schijven erin te duwen?

Nee, niet volgens de sjoelbond. Die noemt het op zijn spelregelpagina uitdrukkelijk als misverstand: je mag een schijf niet met je vinger het vak in duwen om hem mee te laten tellen. Officieel controleer je met een latje, en een schijf die daarbij beweegt telt juist niet. Doe je het thuis toch, dan is dat een eigen afspraak.

Officiële regel

Een schijf komt terug tot bij je handen. Mag je hem meteen opnieuw schuiven?

Nee. Is hij de streep achter de afzetbalk helemaal gepasseerd, dan gaat hij uit de bak en ligt hij apart tot de volgende onderbeurt. In dezelfde onderbeurt speel je hem niet opnieuw.

Officiële regel

Mag je schijven die op elkaar liggen of dwars voor een poortje hangen goed leggen?

Nee. Een schijf die eenmaal in het spel is, mag door niemand worden aangeraakt. Je kunt hem alleen met een andere schijf wegspelen, of wachten tot de onderbeurt voorbij is.

Officiële regel

Moet je de schijven tussen de onderbeurten opstapelen?

Ja, zo gaat het officieel: na elke onderbeurt worden de schijven in de vakken gestapeld, de eerste stapel 4 hoog en de volgende 3 hoog. Bij wedstrijden doet de jury dat. Thuis doet de speler of een tegenstander het zelf.

Officiële regel

Mag je de bak tussendoor opwrijven of poetsen?

Niet tijdens een beurt. Het reglement verbiedt glijmiddelen en tussentijds poetsen, en na het begin van je beurt mag je de bak ook niet meer verschuiven.

Officiële regel

Hoeveel beurten speel je?

Dat mag je thuis zelf afspreken. In wedstrijden van de sjoelbond staan er 10 beurten op de wedstrijdkaart.

Veelgemaakte fouten

  • Elk setje van vier als 10 tellen (2 + 3 + 4 + 1). Een compleet setje is 20 punten waard.
  • Schijven in de bak meetellen. Alleen schijven die helemaal in een vak liggen, leveren punten op.
  • De extra schijven vergeten of dubbel tellen. Tel eerst de setjes, en reken daarna alleen wat er boven het kleinste aantal uitkomt.
  • De vakken in de verkeerde volgorde lezen. Van links naar rechts is het 2, 3, 4, 1, niet 1, 2, 3, 4.
  • Een teruggekomen schijf direct opnieuw spelen. Die mag pas in de volgende onderbeurt weer mee.

Varianten en huisregels

Systeem 20-2

Officieel spelsysteem uit het ANS-reglement. De telling is hetzelfde, maar wie in één onderbeurt 100 punten haalt, krijgt één bonusschijf terug voor de tweede onderbeurt. De hoogste score is dan 104.

Zonder stapelen

Huisregel: de schijven blijven liggen zoals ze in de vakken vallen. Volle vakken lopen dan sneller dicht, waardoor hoge scores lastiger worden.

Met de vinger langs de poortjes

Huisregel: na elke onderbeurt strijk je met een vinger of latje langs de poortjes, en wat naar binnen schuift telt mee. Volgens de sjoelbond mag dat niet en telt zo'n schijf niet.

Minder beurten

Huisregel: speel 3 of 5 beurten per persoon in plaats van 10. Handig met een grote groep rond één bak.

Sjoelen met 2 personen

Met twee spelers verandert er niets: je speelt om de beurt een volledige beurt van drie onderbeurten en vergelijkt de totalen. Je kunt ook alleen sjoelen en proberen je eigen score te verbeteren.

Tips die uit de regels volgen

  • Vul de vakken gelijk op. Een schijf die een nieuw setje compleet maakt, is veel meer waard dan een losse schijf in het vak van 4.
  • Tel na elke onderbeurt welk vak achterloopt en mik daar als eerste op.
  • De vakken van 2 en 1 zitten aan de buitenkant, vlak bij de zijwand. Juist die bepalen vaak hoeveel setjes je haalt.
  • Heb je de setjes rond, speel de laatste losse schijven dan naar het vak van 4.

Handig erbij

Wie begint?

Vul het aantal spelers in, of de namen met komma's ertussen.

Puntenteller

Voeg de spelers toe en tel per ronde de punten op. De stand blijft op dit apparaat bewaard.

Veelgestelde vragen over Sjoelen

Wat zijn de regels van sjoelen?

Elke beurt begin je met 30 schijven en heb je 3 onderbeurten: schuiven, terugpakken wat niet in een vak ligt en opnieuw schuiven. De vakken zijn van links naar rechts 2, 3, 4 en 1 punt waard, en één schijf in elk vak is samen 20 punten. Wie na het afgesproken aantal beurten opgeteld de meeste punten heeft, wint.

Hoe werkt de puntentelling bij sjoelen?

Het vak met de minste schijven bepaalt hoeveel complete setjes je hebt: een setje is één schijf in elk van de vier vakken en is 20 punten waard. Alle schijven die daarna nog over zijn in een vak, tellen voor de waarde van dat vak: 2, 3, 4 of 1 punt per schijf. Het maximum is 148 punten, met bonusschijven 156.

Hoeveel stenen heb je bij sjoelen?

Je sjoelt met 30 schijven. Elke beurt begint met alle 30, en de schijf is van beukenhout, 52 mm breed en 13 mm dik.

Hoe werkt sjoelen?

Je schuift 30 schijven over de bak naar vier poortjes. Wat niet in een vak komt, mag je nog twee keer opnieuw schuiven. Daarna tel je: 20 punten per setje van vier vakken, plus de vakwaarde (2, 3, 4 of 1) voor elke extra schijf.

Waar komt sjoelen vandaan?

Sjoelen geldt als een Nederlands spel. Volgens Wikipedia is het waarschijnlijk in de zeventiende eeuw in Nederland ontstaan en komt het woord sjoelen uit het Fries.

Is sjoelen Nederlands?

Ja. Het wordt tot de oud-Hollandse spellen gerekend en de sport wordt geleid door de Algemene Nederlandse Sjoelbond. Het wordt ook in België en Duitsland gespeeld.

Bronnen en controle

Deze uitleg is in eigen woorden geschreven op basis van het officiële reglement. Wijkt jullie editie af, dan gaat het regelboek uit de doos voor.

Geschreven met hulp van AI en daarna regel voor regel naast de bron gelegd. Zo werken we. Klopt er iets niet? Meld het ons, dan passen we het aan.

Verder spelen

Vergelijkbare spellen

Alle sporten