Spelregels Schaken
Zes stukken, drie bijzondere zetten en één doel: schaakmat
Door Redactie Spelregelwijzer · gecontroleerd op 13 oktober 2026
Bron: officieel reglement (Spelregelboek Schaken (KNSB))
Dit heb je nodig
- een schaakbord van 8 bij 8, dus 64 velden
- 16 witte stukken: 1 koning, 1 dame, 2 torens, 2 lopers, 2 paarden en 8 pionnen
- 16 zwarte stukken in dezelfde samenstelling
- eventueel een schaakklok
Schaken is een spel voor twee op een bord van 64 velden, elk met 16 stukken. Volgens de regels van schaken win je door de koning van je tegenstander schaakmat te zetten: hij staat aangevallen en kan op geen enkele manier meer ontsnappen. Elk van de zes soorten stukken beweegt anders, en er zijn drie bijzondere zetten die beginners vaak missen: de rokade, promotie en en passant slaan. Hieronder staan de basisregels volgens het spelregelboek van de schaakbond KNSB en de officiële FIDE-regels.
Schaken regels in het kort
- Wit begint, daarna doe je om de beurt precies één zet. Een beurt overslaan kan niet.
- Je slaat een stuk door op zijn veld te gaan staan. Het geslagen stuk gaat van het bord.
- Staat je koning schaak, dan moet je dat direct opheffen.
- Schaakmat is winst: de koning staat schaak en er is geen geldige zet meer.
- Pat is remise: je staat niet schaak, maar je kunt geen enkele geldige zet doen.
- Een pion die de overkant haalt, wordt een dame, toren, loper of paard.
Doel van het spel
Zet de koning van je tegenstander schaakmat. De koning wordt nooit echt geslagen: de partij stopt op het moment dat hij aangevallen staat en geen geldige zet meer heeft. Lukt dat geen van beiden, dan eindigt de partij in remise.
Voorbereiding
- Leg het bord zo dat elke speler rechtsonder een wit hoekveld heeft. Het veld linksonder is dan donker.
- Wit zet op de rij het dichtst bij zich, van links naar rechts: toren, paard, loper, dame, koning, loper, paard, toren.
- Op de rij daarvoor komen de 8 witte pionnen.
- Zwart zet zijn stukken op dezelfde manier aan de overkant, recht tegenover die van wit: dame tegenover dame, koning tegenover koning.
- Controle: elke dame staat op een veld van haar eigen kleur. De witte dame op een wit veld, de zwarte dame op een zwart veld.
- Spreek af wie wit heeft. Wit doet de eerste zet.
Zo gaat een beurt
Je bent om de beurt aan zet en verplaatst telkens één stuk. De enige zet waarbij twee stukken tegelijk bewegen is de rokade.
- Kies een stuk en een veldEen stuk mag naar een leeg veld of naar een veld waar een stuk van de tegenstander staat. Naar een veld met een eigen stuk mag niet. Dame, toren en loper kunnen niet over andere stukken heen. Alleen het paard springt.
- SlaanGa je op een veld staan waar een stuk van de tegenstander staat, dan sla je dat stuk en haal je het van het bord. Slaan is nooit verplicht, behalve als het de enige manier is om uit schaak te komen.
- Let op je eigen koningJe mag geen zet doen waarna je eigen koning aangevallen staat. Een stuk dat tussen je koning en een vijandelijke toren, loper of dame staat, zit daardoor soms vast.
- SchaakVal je met je zet de koning van de ander aan, dan staat hij schaak. De tegenstander moet dat in zijn eerstvolgende zet oplossen: de koning verzetten, het aanvallende stuk slaan of er een stuk tussen zetten. Schaak hardop zeggen is gebruikelijk aan de keukentafel, maar de regels verplichten het niet.
- Loslaten is gezetHeb je een stuk op een veld losgelaten, dan staat de zet. Volgens de officiële regels moet je ook spelen met het stuk dat je als eerste bewust aanraakt, als daar een geldige zet mee kan. Wil je alleen een stuk rechtzetten, zeg dat dan eerst.
- Beurt voorbijNa je zet is de ander aan de beurt. Zo gaat het door tot schaakmat, opgave of remise.
Hoe de stukken bewegen
De punten zijn de vuistregel van de KNSB voor de waarde van een stuk. Ze helpen bij de vraag of een ruil gunstig is, maar tellen niet mee voor de uitslag.
| Stuk | Aantal per speler | Zet | Waarde |
|---|---|---|---|
| Koning | 1 | Eén veld in elke richting. Mag nooit naar een aangevallen veld, dus ook niet naast de andere koning. | onbetaalbaar |
| Dame | 1 | Recht en schuin, zo ver als de weg vrij is. | 9 |
| Toren | 2 | Recht vooruit, achteruit of opzij, zo ver als de weg vrij is. | 5 |
| Loper | 2 | Schuin, zo ver als de weg vrij is. Blijft de hele partij op velden van één kleur. | 3 |
| Paard | 2 | Een veld recht en een veld schuin verder, in een L-vorm. Springt als enige over stukken heen. | 3 |
| Pion | 8 | Eén veld recht vooruit, vanaf zijn beginveld ook twee. Slaat één veld schuin vooruit. Gaat nooit achteruit. | 1 |
Puntentelling bij Schaken
De partij is gewonnen bij schaakmat of als de tegenstander opgeeft. Remise wordt het bij pat, als de spelers het samen afspreken, als er te weinig stukken over zijn om nog mat te kunnen zetten (bijvoorbeeld koning en paard tegen koning), als dezelfde stelling drie keer is voorgekomen met dezelfde speler aan zet, of als er vijftig zetten lang door beide spelers geen pion is verzet en niets is geslagen. Die laatste twee gelden pas als een speler er een beroep op doet.
Een partij kent geen puntentelling op het bord: het is winst, verlies of remise. In toernooien krijgt de winnaar volgens de FIDE-regels 1 punt, de verliezer 0 en bij remise krijgen beiden een half punt. De puntwaarden van de stukken hieronder zijn een hulpmiddel om ruilen te beoordelen.
| Stuk | Waarde in punten |
|---|---|
| Dame | 9 |
| Toren | 5 |
| Loper | 3 |
| Paard | 3 |
| Pion | 1 |
Rokade
Met de rokade breng je de koning in veiligheid en de toren in het spel. Het is één zet: de koning gaat vanaf zijn beginveld twee velden opzij richting een toren, en die toren springt over de koning heen naar het veld er direct naast. Aan de koningskant schuift de toren twee velden op (korte rokade), aan de damekant drie (lange rokade).
Pak altijd eerst de koning. Wie eerst de toren aanraakt, mag volgens de officiële regels in die zet niet meer rokeren en moet een torenzet doen.
- De koning heeft nog niet eerder gezet.
- De toren waarmee je rokeert heeft nog niet eerder gezet.
- Tussen koning en toren staat geen enkel stuk.
- De koning staat op dat moment niet schaak.
- De koning gaat niet over een veld dat aangevallen staat.
- De koning komt niet uit op een veld dat aangevallen staat.
En passant
En passant betekent 'in het voorbijgaan' en kan alleen tussen pionnen. Zet de tegenstander een pion vanaf zijn beginveld twee velden vooruit en komt die daardoor direct naast jouw pion te staan, dan mag jij hem slaan alsof hij maar één veld was opgeschoven. Jouw pion gaat schuin naar het veld dat de andere pion oversloeg en de geslagen pion gaat van het bord.
Je hebt daarvoor precies één kans: het moet in de zet direct erna. Wacht je een zet, dan is het recht vervallen. En passant slaan is niet verplicht.
Promotie
Bereikt een pion de achterste rij van de tegenstander, dan moet je hem in dezelfde zet omruilen voor een dame, toren, loper of paard van je eigen kleur. Een pion laten staan of een koning kiezen kan niet. Het nieuwe stuk werkt meteen, dus het kan direct schaak geven.
Je bent niet beperkt tot stukken die al geslagen zijn. Een tweede dame is toegestaan, ook als je eerste nog op het bord staat. Heb je geen extra dame bij de hand, dan lossen thuisspelers dat meestal op met een omgekeerde toren.
Ruzie aan tafel: wat mag wel en wat niet?
De vragen waar het bij Schaken het vaakst over gaat. Bij elk antwoord staat of het zo in de regels staat of dat het een huisregel is.
Is pat winst voor degene die de ander klem zet?
Nee, pat is remise. Kan de speler die aan zet is geen enkele geldige zet doen terwijl zijn koning niet schaak staat, dan is de partij direct afgelopen en gelijk. Dat is zuur als je ver voor staat, dus laat de koning van de ander altijd een veld over of geef schaak.
Mag je rokeren als je koning schaak staat of eerder schaak heeft gestaan?
Nu schaak staan: nee, dan mag het niet. Eerder schaak hebben gestaan maakt niet uit, zolang de koning en de toren nog niet gezet hebben. De koning mag ook niet over of naar een aangevallen veld. Dat de toren zelf aangevallen staat, is geen bezwaar: de regels stellen alleen eisen aan de velden van de koning.
Mag je een tweede dame halen?
Ja. Bij promotie kies je vrij tussen dame, toren, loper en paard, los van wat er al geslagen is. Meerdere dames tegelijk mag dus.
Is aanraken zetten?
Volgens de officiële regels wel: raak je als je aan zet bent bewust een eigen stuk aan, dan moet je daarmee spelen als dat kan. Raak je een stuk van de tegenstander aan, dan moet je het slaan als dat kan. Thuis wordt daar vaak soepeler mee omgegaan, dus spreek het vooraf af.
Mag de koning een stuk slaan?
Ja, de koning slaat net als hij zet: één veld in elke richting. Het mag alleen niet als het stuk gedekt staat, want dan zou de koning op een aangevallen veld komen.
Wat gebeurt er als iemand een zet doet die niet mag?
De zet wordt teruggenomen en er wordt een geldige zet gespeeld. In officiële wedstrijden krijgt de tegenstander daarnaast twee minuten extra bedenktijd en kost een tweede onreglementaire zet de partij. Thuis volstaat terugzetten.
Moet je 'schaak' zeggen?
Nee, dat is een gewoonte en geen regel. In de officiële regels staat nergens dat je schaak moet aankondigen. Bij beginners is het wel zo sportief.
Veelgemaakte fouten
- Het bord verkeerd neerleggen. Rechtsonder hoort voor beide spelers een wit veld.
- Koning en dame omwisselen in de beginstelling. De dame staat op haar eigen kleur.
- Met een pion recht vooruit willen slaan. Een pion zet recht, maar slaat alleen schuin.
- De koning twee velden laten lopen buiten de rokade, of rokeren terwijl de koning of de toren al gezet heeft.
- En passant slaan een paar zetten later. Het kan alleen direct na de dubbele stap van de andere pion.
- Pat als winst tellen. Wie de ander geen zet meer laat zonder schaak te geven, krijgt maar een half punt.
Varianten en huisregels
Snelschaak en blitz
Dezelfde regels, maar met een klok en weinig bedenktijd per speler. Wie door zijn tijd heen is, verliest in de regel de partij. Hoeveel minuten je krijgt, spreek je vooraf af.
Huisregel: zonder aanraken is zetten
Veel beginners spelen dat een zet pas telt als je het stuk loslaat, of dat je een blunder mag terugnemen. Dat is prima om het spel te leren, maar het wijkt af van de officiële regels.
Huisregel: de koning slaan
Kinderen spelen soms door tot de koning echt geslagen wordt. Officieel kan dat niet: een zet die je eigen koning schaak laat staan is ongeldig en wordt teruggenomen.
Tips die uit de regels volgen
- Rokeer vroeg. Je koning staat veiliger achter drie pionnen en je toren komt naar het midden.
- Tel bij elke ruil de puntwaarden: een paard of loper (3) geven voor een toren (5) is winst, andersom verlies.
- Sta je ver voor, controleer dan bij elke zet of de koning van de ander nog een veld heeft. Zo voorkom je pat.
- Een pion die vrij naar de overkant kan lopen is in het eindspel vaak meer waard dan zijn ene punt, omdat hij een dame wordt.
Handig aan tafel
Wie begint?
Vul het aantal spelers in, of de namen met komma's ertussen.
Veelgestelde vragen over Schaken
Wat zijn de regels van schaken?
Wit begint en daarna doe je om de beurt precies één zet. Je slaat een stuk door op zijn veld te gaan staan, en staat je koning schaak, dan moet je dat direct opheffen. Schaakmat is winst, pat is remise. Daarnaast zijn er drie bijzondere zetten: de rokade, promotie en en passant slaan.
Wat is en passant bij schaken?
En passant betekent 'in het voorbijgaan' en is een manier van slaan die alleen tussen pionnen kan. Zet je tegenstander een pion vanaf zijn beginveld twee velden vooruit en komt die direct naast jouw pion te staan, dan mag jij hem slaan alsof hij maar één veld was opgeschoven. Dat moet in de zet direct erna, anders is het recht vervallen.
Hoe werkt de rokade bij schaken?
De rokade is één zet met koning en toren: de koning gaat vanaf zijn beginveld twee velden opzij richting een toren, en die toren springt over de koning heen naar het veld er direct naast. Het mag alleen als koning en toren nog niet gezet hebben en er geen stuk tussen staat. De koning mag daarbij niet schaak staan en niet over of naar een aangevallen veld gaan.
Bronnen en controle
Deze uitleg is in eigen woorden geschreven op basis van het officiële reglement. Wijkt jullie editie af, dan gaat het regelboek uit de doos voor.
- Spelregelboek Schaken (KNSB) · geraadpleegd op 11 oktober 2026 · Beginnersuitleg van de Koninklijke Nederlandse Schaakbond: beginstelling, zetten per stuk, puntwaarden, rokade, promotie, en passant, mat, pat en remise.
- FIDE Laws of Chess (FIDE Handbook E.01) · geraadpleegd op 11 oktober 2026 · Geldig vanaf 1 januari 2023. Gebruikt: artikel 1 tot en met 5, 7.5, 9 en 10.
Geschreven met hulp van AI en daarna regel voor regel naast de bron gelegd. Zo werken we. Klopt er iets niet? Meld het ons, dan passen we het aan.