Naar de inhoud
Spelregelwijzer Zoek een spel

Spelregels 30 Seconds

Vijf begrippen, een halve minuut en een dobbelsteen die tegenwerkt

Door Redactie Spelregelwijzer · gecontroleerd op 13 oktober 2026
Bron: officiële spelregels van 999 Games

Wacht op controle. Deze pagina wacht nog op een laatste controle door een redacteur en staat daarom niet in zoekmachines. Twijfel je aan een regel, kijk dan in het regelboek.

Spelers: 3-24 spelers Leeftijd: 12+ jaar Speelduur: 30 min

Dit heb je nodig

  • 240 kaarten met samen 2.400 begrippen (5 per kant)
  • speelbord met blauwe en gele velden
  • zandloper van 30 seconden
  • dobbelsteen met 0, 0, 1, 1, 2 en 2
  • 4 pionnen
  • kaartenhouder met een UIT-kant en een IN-kant

30 Seconds is een partyspel in teams. Zo werken de regels van 30 Seconds: één speler omschrijft in 30 seconden zoveel mogelijk van de vijf begrippen op een kaartje, zijn teamgenoten raden. Elk goed geraden begrip is een stap vooruit op het bord, min het getal dat je team vooraf met de dobbelsteen gooide. Het team dat als eerste de finish haalt, wint.

De regels van 30 Seconds in het kort

  • Maak teams van minstens 2 spelers en zet elke pion op start.
  • Gooi vóór je beurt de dobbelsteen: 0, 1 of 2. Dat is je handicap.
  • Pak een kaartje, laat een ander team de zandloper omdraaien en omschrijf de 5 begrippen.
  • Tel de goed geraden begrippen, trek de worp eraf en zet je pion zoveel velden vooruit.
  • Het eerste team op de finish wint.

Print het spiekbriefje (1 A4)

Doel van het spel

Bereik met je team als eerste het veld FINISH. Vooruit kom je alleen door begrippen te raden die een teamgenoot omschrijft.

Voorbereiding

  1. Verdeel de groep in teams van minimaal 2 spelers. Liever twee grote teams dan veel kleine: met zes spelers zijn twee teams van drie beter dan drie teams van twee.
  2. Elk team kiest een pion en zet die op START. Er zijn 4 pionnen, dus je speelt met hoogstens 4 teams.
  3. Zet de kaarten in de kaartenhouder en leg de zandloper en de dobbelsteen klaar.
  4. Alle teams gooien de dobbelsteen. Het team met de hoogste worp begint. Bij een gelijke hoogste worp gooien die teams opnieuw.
  5. Elk team spreekt af in welke volgorde de teamleden omschrijven. Die volgorde blijft het hele spel gelijk, zodat iedereen even vaak aan de beurt komt.
  6. Spreek af hoe streng je bent (zie de discussiepunten): is 'Mickey' genoeg voor 'Mickey Mouse', en telt een antwoord dat pas na de laatste zandkorrel wordt afgemaakt?

Zo gaat een beurt

De teams zijn om de beurt aan zet. Na elke beurt gaat de dobbelsteen naar het team links.

  1. Gooi de dobbelsteenHet team dat aan de beurt is gooit de dobbelsteen voordat er een kaartje wordt gepakt. De worp (0, 1 of 2) blijft liggen tot het einde van de beurt.
  2. Pak een kaartjeDe omschrijver pakt een kaart van de UIT-kant van de kaartenhouder, zonder de begrippen te bekijken. Elke kaart heeft een blauwe en een gele kant. Je gebruikt de kant met de kleur van het veld waarop jullie pion staat. START is blauw, dus elk team begint met een blauwe kant.
  3. Zandloper omEen speler van een ander team draait de zandloper om en roept 'start'. Pas dan mag de omschrijver de kaart omdraaien en lezen.
  4. Omschrijven en radenDe omschrijver beschrijft de vijf begrippen in de volgorde die hij zelf kiest. De teamgenoten roepen hun antwoorden door elkaar. De andere teams letten op de zandloper en roepen 'stop' als de tijd om is.
  5. Pion verzettenTel de goed geraden begrippen en trek de worp van het begin van de beurt ervan af. Zoveel velden gaat de pion vooruit. Is de uitkomst 0 of minder, dan blijft de pion staan.
  6. Kaart terugDe kaart gaat terug in de IN-kant van de kaartenhouder. Het volgende team gooit de dobbelsteen.

Wat mag de omschrijver wel en niet?

Dit is de lijst waar de meeste discussies over gaan. De raders mogen alles roepen, ook losse letters.

HandelingMag het?Toelichting
Zingen en neuriënJaJe mag een begrip op elke manier omschrijven, ook met een melodie.
Gebaren makenJaGebaren zijn toegestaan als onderdeel van je omschrijving.
Ergens naar wijzenNeeJe mag niets aanwijzen, ook niet als het begrip toevallig in de kamer staat.
Het begrip of een deel ervan zeggenNeeOok woorden die van het begrip zijn afgeleid mogen niet.
'Klinkt als' of 'rijmt op'NeeKlanktrucs zijn verboden.
Letters van het alfabet noemenNeeDe omschrijver mag niet naar letters verwijzen. De raders mogen dat wel, bijvoorbeeld bij een afkorting.
'En', 'de' en 'het' zeggenJaLidwoorden en 'en' die in het begrip voorkomen mag je gewoon gebruiken.
De kaart vooraf lezenNeeJe mag de begrippen pas bekijken als de zandloper loopt.

Puntentelling bij 30 Seconds

Het spel is afgelopen zodra een pion het veld FINISH bereikt. Dat team wint. Er zijn geen rondes en er is geen eindtelling; de stand lees je het hele spel af aan de pionnen op het bord.

Je houdt geen score bij op papier; het bord is de score. Per beurt geldt: aantal goed geraden begrippen min de dobbelsteenworp is het aantal velden vooruit. Een 0 gooien is dus het gunstigst en het meeste dat je in één beurt kunt opschuiven is 5 velden. Achteruit ga je door de dobbelsteen nooit.

GeradenWorp 0Worp 1Worp 2
55 vooruit4 vooruit3 vooruit
44 vooruit3 vooruit2 vooruit
33 vooruit2 vooruit1 vooruit
22 vooruit1 vooruitblijft staan
11 vooruitblijft staanblijft staan
0blijft staanblijft staanblijft staan
RekenvoorbeeldTeam rood staat op een geel veld en gooit een 2. De omschrijver pakt een kaart en gebruikt de gele kant. Het team raadt 4 van de 5 begrippen: 4 - 2 = 2 velden vooruit. De beurt daarna gooit rood een 0 en raadt 3 begrippen: 3 - 0 = 3 velden vooruit. In de derde beurt gooien ze een 2 en raden ze er maar 1: 1 - 2 is minder dan 0, dus de pion blijft staan. Na drie beurten is rood 2 + 3 + 0 = 5 velden opgeschoven.

Leeg scoreblok: gratis printen of online invullen

30 Seconds met 3 spelers

Drie is het minimum. Dan omschrijft één speler het hele spel lang voor de twee anderen, die tegen elkaar spelen. De omschrijver heeft zelf geen pion en kan niet winnen. De overige regels blijven gelijk.

Met twee spelers kan het niet: er moet altijd iemand zijn die omschrijft en iemand anders die raadt, en dat team heeft een tegenstander nodig.

Ruzie aan tafel: wat mag wel en wat niet?

De vragen waar het bij 30 Seconds het vaakst over gaat. Bij elk antwoord staat of het zo in de regels staat of dat het een huisregel is.

Officiële regel

Mag je uitbeelden bij 30 Seconds?

Gebaren maken mag, wijzen niet. De regels staan toe dat je een begrip op elke manier omschrijft, inclusief zingen, neuriën en gebaren, maar verbieden dat je iets aanwijst.

Officiële regel

Is alleen 'Mickey' goed als er 'Mickey Mouse' staat?

Dat bepaal je zelf, maar wel vooraf. De regels vragen de teams om vóór het spel af te spreken hoe precies een antwoord moet zijn.

Officiële regel

Telt een antwoord dat net na de tijd wordt afgemaakt?

Ook dat is een afspraak vooraf. De regels noemen het voorbeeld van 'Mickey' vóór het stopsignaal en 'Mouse' erna en laten de teams beslissen of dat goed is.

Officiële regel

Mag de omschrijver de eerste letter zeggen?

Nee. De omschrijver mag niet naar letters van het alfabet verwijzen. De raders mogen wel letters gebruiken.

Officiële regel

Ga je achteruit als je minder raadt dan je gooide?

Nee. Raad je evenveel of minder begrippen dan het getal op de dobbelsteen, dan blijf je op hetzelfde veld staan.

Staat niet in de regels

Wat is de straf als de omschrijver het begrip per ongeluk zegt?

In de internationale regels eindigt de beurt dan meteen en gaat de pion één veld terug. Veel groepen spelen milder: alleen dat ene begrip telt niet. Spreek af welke van de twee je hanteert.

Staat niet in de regels

Mag je een begrip vertalen, bijvoorbeeld het Engelse woord zeggen?

De internationale regels verbieden vertalingen. Omdat het begrip of een afgeleide ervan noemen hoe dan ook niet mag, is vertalen bij de meeste groepen ook verboden.

Veelgemaakte fouten

  • De dobbelsteen pas na het raden gooien. De worp hoort vóór het pakken van het kaartje, zodat je weet hoeveel je moet goedmaken.
  • De worp bij de score optellen. Het getal gaat eraf: een 2 gooien is slecht nieuws.
  • De kaart alvast lezen terwijl de zandloper nog niet loopt.
  • De verkeerde kant van de kaart gebruiken. De kleur van het veld waarop je pion bij het begin van de beurt staat, bepaalt de kant.
  • Steeds dezelfde sterke omschrijver laten gaan. De volgorde binnen het team ligt vast en iedereen omschrijft om de beurt.

Varianten en huisregels

Met 3 spelers (officieel)

Eén vaste omschrijver voor beide andere spelers. De omschrijver doet niet mee om de winst.

Zonder dobbelsteen (huisregel)

Elk goed begrip is gewoon één veld vooruit. Het spel gaat sneller en zwakkere teams blijven minder vaak stilstaan.

Geen straf (huisregel)

Zegt de omschrijver het begrip, dan vervalt alleen dat begrip en loopt de beurt door.

Andere edities

Naast het gewone spel verkoopt 999 Games onder meer 30 Seconds Junior. De begrippen op de kaarten verschillen per editie; op deze pagina staan de regels van het gewone spel.

Tips die uit de regels volgen

  • Begin met het begrip dat je het snelst kunt omschrijven. De volgorde is vrij, dus sla een lastig begrip over en kom terug als er tijd over is.
  • Laat de raders door elkaar roepen en reageer alleen op wat in de buurt komt. Stilvallen kost meer tijd dan een fout antwoord.
  • Bij een worp van 2 heb je minstens 3 goede antwoorden nodig om vooruit te komen. Ga dan voor zekerheid op drie begrippen in plaats van alle vijf half te doen.

Handig aan tafel

Wie begint?

Vul het aantal spelers in, of de namen met komma's ertussen.

Veelgestelde vragen over 30 Seconds

Hoe werkt 30 Seconds?

Je speelt in teams. Eén teamlid omschrijft binnen 30 seconden de vijf begrippen op een kaartje zonder ze te noemen, de rest van het team raadt. Het aantal goede antwoorden min de vooraf gegooide dobbelsteen (0, 1 of 2) is het aantal velden dat je pion vooruit gaat. Wie het eerst op de finish staat, wint.

Mag je uitbeelden bij 30 Seconds?

Gebaren maken mag, net als zingen en neuriën. Wat niet mag is ergens naar wijzen, het begrip of een deel ervan zeggen, rijmen of 'klinkt als' gebruiken en letters noemen.

Bronnen en controle

Deze uitleg is in eigen woorden geschreven op basis van de officiële spelregels. Wijkt jullie editie af, dan gaat het regelboek uit de doos voor.

Geschreven met hulp van AI en daarna regel voor regel naast de bron gelegd. Zo werken we. Klopt er iets niet? Meld het ons, dan passen we het aan.

Verder spelen

Vergelijkbare spellen

Alle gezelschapsspellen