Tafeltennis: spelregels in het kort
Spelers: 2-4 spelers Speelduur: 15-40 min
In het kort
- Een game gaat tot 11; bij 10-10 speel je door tot twee punten verschil.
- Elke rally levert een punt op, wie er ook serveerde.
- De service wisselt om de twee punten, vanaf 10-10 na elk punt.
- Serveren: bal op de vlakke hand, minstens 16 cm recht omhoog, eerst je eigen helft en dan de andere.
- De bal moet op jouw helft stuiten voordat je hem slaat; uit de lucht nemen is fout.
- Na elke game wissel je van tafelhelft.
Baan en materiaal
- Tafeltennistafel van 274 bij 152,5 cm, 76 cm hoog
- Net van 15,25 cm hoog
- 2 of 4 batjes met een zwarte en een helder gekleurde kant
- Witte of oranje bal van 40 mm
Spelverloop
- Leg de bal op je vlakke hand
- Gooi minstens 16 cm op
- Eerst je eigen helft, dan de andere
- Verberg de bal niet
- Sla terug na één stuit
- Wissel de service
Einde
De game is voorbij als iemand 11 punten heeft en minstens twee punten voor staat. De wedstrijd eindigt zodra een speler of paar de meerderheid van de games heeft: twee bij best of three, drie bij best of five. De eerste serveerder van een game ontvangt in de volgende game als eerste, en na elke game wissel je van tafelhelft. In de laatst mogelijke game wissel je nog een keer van helft zodra iemand 5 punten heeft.
Punt, let of doorspelen
| Situatie | Beslissing |
|---|---|
| Service raakt het net en valt daarna goed op de andere helft | Let, opnieuw serveren |
| Service raakt het net en valt niet op de andere helft | Punt voor de ontvanger |
| Bal raakt tijdens de rally het net en valt op de andere helft | Goed, doorspelen |
| Bal raakt de bovenrand van het speelvlak | Goed, de rand hoort bij het speelvlak |
| Bal raakt de zijkant van het tafelblad | Fout, de zijkant hoort niet bij het speelvlak |
| Je slaat de bal uit de lucht boven de tafel voordat hij is gestuit | Punt voor de tegenstander |
| Je vrije hand raakt het speelvlak tijdens de rally | Punt voor de tegenstander |
| Je verschuift de tafel of raakt het net of de netpaal | Punt voor de tegenstander |
| Je raakt de bal met opzet twee keer achter elkaar | Punt voor de tegenstander |
| Bal raakt je bathand onder de pols en gaat goed terug | Goed, dat telt als slaan |
| Er wordt geserveerd terwijl de ontvanger niet klaar is en die slaat niet | Let |
| In het dubbel slaat de verkeerde speler | Punt voor de tegenstander |
De vragen op een rij
Hoe werkt de puntentelling bij tafeltennis?
Elke rally die niet met een let eindigt, levert één punt op, wie er ook serveerde. Een game gaat tot 11; bij 10-10 gaat het door tot iemand twee punten voor staat, bijvoorbeeld 12-10 of 15-13. De service wisselt om de twee punten, vanaf 10-10 na elk punt.
Spelregelwijzer: samenvatting in eigen woorden door Redactie Spelregelwijzer, gecontroleerd op 13 oktober 2026. Bron: Spelregels Nederlandse Tafeltennisbond, uitgave 2026-09. Dit is niet het officiële regelboek. Bij twijfel gaan de regels van de uitgever of de bond voor.