Phase 10: spelregels in het kort
Spelers: 2-6 spelers Leeftijd: 7+ jaar Speelduur: 1-2 uur
In het kort
- Iedereen krijgt 10 kaarten. Elke beurt pak je 1 kaart en leg je 1 kaart af.
- In ronde 1 probeert iedereen fase 1 uit te leggen. Lukt dat, dan ga je de volgende ronde door naar fase 2.
- Je mag per ronde maar één fase uitleggen, en altijd in volgorde van 1 tot 10.
- Ligt je fase op tafel, dan mag je losse kaarten aanleggen bij elke uitgelegde fase.
- De ronde stopt als iemand zijn laatste kaart kwijt is. Kaarten in je hand zijn strafpunten.
- Wie het eerst fase 10 haalt, wint. Bij gelijkspel wint de laagste puntenstand.
Dit heb je nodig
- 108 speelkaarten: 96 cijferkaarten (1 tot en met 12 in rood, blauw, geel en groen, 24 per kleur), 8 Wild-kaarten en 4 Skip-kaarten
- 2 overzichtskaarten met de 10 fases (samen 110 kaarten in de doos)
- pen en papier voor de fases en de strafpunten
Een beurt
- Pak één kaart
- Leg je fase uit als hij compleet is
- Leg meteen extra kaarten erbij
- Leg aan bij anderen
- Leg één kaart af
- Ga uit
Einde
Een ronde eindigt zodra één speler zijn laatste kaart kwijt is. Iedereen die in die ronde zijn fase heeft uitgelegd, gaat de volgende ronde door naar de volgende fase, ook als hij de ronde niet won. Wie zijn fase niet op tafel kreeg, probeert dezelfde fase opnieuw. Daarna worden de strafpunten genoteerd, schuift het delen naar links en worden alle kaarten opnieuw geschud. Het spel is afgelopen na de ronde waarin iemand fase 10 uitlegt. Zijn dat er meer dan één, dan wint de speler met het laagste puntentotaal. Is ook dat gelijk, dan spelen die spelers fase 10 nog een keer en wint degene die het eerst uitgaat.
Phase 10 kaarten: Wild en Skip
| Kaart | Aantal | Wat gebeurt er |
|---|---|---|
| Wild | 8 | Joker. Vervangt elk getal of telt als elke kleur. Je mag er zoveel gebruiken als je wilt, zolang er in je fase minstens één gewone kaart ligt. Een uitgelegde Wild blijft liggen tot het eind van de ronde en mag niet worden omgeruild voor de echte kaart. |
| Skip | 4 | Leg hem af in je beurt en kies een speler die zijn volgende beurt overslaat. Hoort nooit in een fase en mag niet van de aflegstapel gepakt worden. Je mag dezelfde speler niet twee beurten achter elkaar laten overslaan: wie is overgeslagen, speelt eerst een gewone beurt voordat hij opnieuw een Skip kan krijgen. |
| Wild als startkaart | Draait de deler een Wild als eerste kaart van de aflegstapel, dan mag de eerste speler hem gewoon pakken. | |
| Skip als startkaart | Draait de deler een Skip als eerste kaart, dan slaat de eerste speler automatisch zijn eerste beurt over. |
Puntentelling
| Kaart in je hand | Strafpunten per kaart |
|---|---|
| 1 tot en met 9 | 5 |
| 10, 11 en 12 | 10 |
| Skip | 15 |
| Wild | 25 |
De vragen op een rij
Wat zijn de regels van Phase 10?
Iedereen krijgt 10 kaarten, pakt elke beurt 1 kaart en legt er 1 af. Je moet 10 fases uitleggen, in vaste volgorde en maximaal één per ronde. Haal je je fase niet, dan probeer je dezelfde fase de volgende ronde opnieuw. Wie als eerste fase 10 heeft uitgelegd, wint.
Hoe speel je Phase 10?
In je beurt pak je 1 kaart en leg je 1 kaart af. Heb je de kaarten voor je fase, dan leg je die uit; daarna mag je in je eigen beurt losse kaarten aanleggen bij elke uitgelegde fase. De ronde stopt als iemand zijn laatste kaart kwijt is.
Wat zijn de 10 fases van Phase 10?
Er zijn 10 fases, die je in vaste volgorde afwerkt. Fase 1 is 2 sets van 3, fase 4 een reeks van 7, fase 8 bestaat uit 7 kaarten van één kleur en fase 10 is 1 set van 5 en 1 set van 3. Een set is een groepje kaarten met hetzelfde getal, een reeks een rij opeenvolgende getallen.
Hoe werkt de puntentelling bij Phase 10?
Punten zijn strafpunten. De winnaar van de ronde krijgt er 0, de anderen tellen de kaarten in hun hand: 5 punten voor een 1 tot en met 9, 10 voor een 10, 11 of 12, 15 voor een Skip en 25 voor een Wild. De punten beslissen alleen als meerdere spelers tegelijk fase 10 halen: dan wint het laagste totaal.
Hoeveel kaarten heeft Phase 10?
Phase 10 heeft 108 speelkaarten: 96 cijferkaarten, 8 Wild-kaarten en 4 Skip-kaarten. Met de 2 overzichtskaarten zitten er 110 kaarten in de doos. Iedere speler krijgt 10 kaarten.
Spelregelwijzer: samenvatting in eigen woorden door Redactie Spelregelwijzer, gecontroleerd op 13 oktober 2026. Bron: Phase 10 Instructions (Mattel, instructieblad W4729-0970). Dit is niet het officiële regelboek. Bij twijfel gaan de regels van de uitgever of de bond voor.